Participatieve besluitvorming
Uit Participatiewiki
Hieronder focussen we op het proces van participatieve besluitvorming. Dit proces kun je evenwel niet los zien van de kernwaarden participatieve besluitvorming die bij participatieve besluitvorming van belang zijn. De indicatoren van wanneer een groep een participatieve groep is (zie artikel over het verschil tussen participatieve en conventionele groepen) is interessante achtergrondinformatie wanneer we nadenken over participatieve besluitvorming.
Inhoud |
Divergeren en convergeren
Vaak wordt het besluitvormingsproces op een te ideale mannier voorgesteld in twee grote fases, met name de fase van divergent denken en de fase van convergent denken. Van zodra het topic of onderwerp op tafel ligt, stappen groepsleden in de divergentiefase en brengen ze zo veel mogelijk verschillende ideeën in. Eerst nog aarzelend en vertrekkend van de vertrouwde ideeën, om daarna – tenminste als er voldoende betrokkenheid en tijd beschikbaar is – over te gaan tot de inbreng van nieuwe perspectieven. In de convergentiefase gaat men consolideren: sommige ideeën en perspectieven laten vallen en andere ideeën bevestigen en weerhouden. Vervolgens zal de groep ideeën verfijnen en de beslissing vastleggen. En klaar is Kees. Zo eenvoudig zit een reëel besluitvormingsproces echter niet in mekaar.
Problematische besluitvorming
Minstens twee vormen van besluitvorming kun je als problematisch bestempelen:
A. de te snelle beslissing
B. de niet-beslissing of onduidelijke beslissing.
Beide vormen van problematische besluitvorming zijn terug te voeren op een niet volledig doorlopen besluitvormingsproces en leveren niet-gewenste effecten op. Zo leidt te snel beslissen vaak tot een verkeerde beslissing en/of een niet-gedragen beslissing. Een niet-beslissing of onduidelijke beslissing zorgt ervoor dat de groepsleden ieder voor zichzelf bepalen wat er werd beslist en/of dat er groepsleden afhaken en/of dat er frustratie ontstaat.
De zoek- en zuchtfase
In de meeste processen van besluitvorming detecteren we nog een fase tussen de divergentiefase en de convergentiefase. Deze fase wordt evenwel in de meeste modellen over besluitvorming over het hoofd gezien – allicht omdat deze fase niet past in de optimistische managementgedachte dat je elk proces kan stroomlijnen, dat elk proceszondermeer te beheersen is. Terwijl de "zoek en zuchtfase" inderdaad nauwelijks te beheersen is. Ongeveer de enige beheersmatige actie die in de zoek- en zuchtfase mogelijk is, is paradoxaal van niet-beheersmatige aard, met name: het tolereren van de chaos en onduidelijkheid. Een belangrijke competentie die hiermee samen hangt, noemen we "ambiguïteitstolererantie".
Intra- en interpersoonlijke processen.
De onderstaande voorstelling geeft ons een overzicht van de processen die zich binnenin en tussen de deelnemers afspelen.
Als facilitator hanteer je de vijf V's als richtsnoer bij je interventies. Bij voorkeur doe je dat via vragen.
| Verduidelijken |
|
| Verbreden |
|
| Verdiepen |
|
| Verbinden |
|
| Verkorten |
|
Referenties
Kaner, S. (2001). Facilitators guide tot participatory decision-making. Gabriola Island: New Society Publishers.
Deze bijdrage is een bewerking van een tekst uit de niet-gepubliceerde syllabus Cocreatief leiden van teams en taakgroepen, die ter beschikking wordt gesteld tijdens de gelijknamige driedaagse cursus van Stichting Lodewijk de Raet.