Wachttijd bij het stellen van vragen
Uit Participatiewiki
Deze bijdrage is een uitbreiding op de bijdrage over Vragen stellen als kerncompetentie in participatieprocessen.
Voor eenvoudige vragen (over opgeslagen kennis) blijkt een wachttijd van 3 seconden ideaal. Kortere of langere wachttijden hebben minder succes. Voor vragen die een grotere cognitieve inspanning vergen (analyse, synthese, interpretatie,…) geldt er geen beperking op de wachttijd. De begeleider bereikt meer hoe groter zijn of haar bereidheid is om te wachten op een antwoord. Een langere wachttijd bij vragen van een hoger cognitief niveau hangt samen met
- meer antwoorden van een hoger niveau;
- langere antwoorden;
- meer argumenten die het antwoord ondersteunen;
- een grotere participatiegraad van groepsleden;
- een grotere variëteit aan antwoorden;
- een afname van de onderbreking van een antwoord door collega-groepsleden;
- een toename van groepslid-groepslid-interacties;
- een toename van vragen gesteld door de groepsleden.
Langs de zijde van de begeleider hangt een hogere wachttijd samen met
- flexibeler reageren van de begeleider;
- toename van verwachtingen ten aanzien van de groepsleden;
- toename van de variëteit aan vragen die de begeleider stelt;
- toename van het aantal vragen van een hoger cognitief gehalte.
Bronnen
Dit artikel is mee gebaseerd op de expertise opgebouwd in de trainingen 'Vragend werken met groepen' van Stichting Lodewijk de Raet. Voor meer informatie over deze trainingen mag u al altijd contact opnemen. Dat kan via info@de-raet.be.
Verder verwijzen we ook nog graag naar de volgende ‘referenties’:
- ↑ Cotton, K. (2001). Classroom questioning. School improvement Research Series. Northwest Regional Educational Laboratory.
- ↑ Swift, J.N., Gooding, C.T., & Swift, P.R. (1988). Questions and wait time. In J.Y. Dillon (ed.), Question and discussion: a multidisplinary study. Norwood (NJ): Ablex Publishing corporation.
